Psalm 53

De dwaas zegt bij zichzelf: Er is geen God.
Ze zijn gemeen en staan zich te verdringen.
Ze doen de meest verwerpelijke dingen.
Er is geen mens die leeft zoals het moet,
niet een doet goed.

God kijkt vanuit de hemel naar de mens
om te bekijken wie naar hem op zoek gaan.
Maar iedereen wil liever slecht te boek staan.
Niemand doet goed, niet één erkent Gods grens,
leeft naar zijn wens.

Is het gezond verstand bij hen kapot?
Is er bij hen geen kennis meer te vinden?
Nee, kijk hoe zij mijn volk als brood verslinden.
Zij roepen zelfvoldaan, totaal op slot
niet meer om God.

Nog even en dan zien ze grauw als ’t graf.
God zal wie jou vervolgt ver van zich gooien.
Hij zal hun lichamen als as verstrooien.
Jij lacht om hen, zij ondergaan hun straf:
God stoot hen af.

O, was de tijd van onrecht maar voorbij!
God, kom uit Sion, kom uw volk bevrijden.
Dat zou de opmaat zijn naar nieuwe tijden.
Dan juicht het land, is Israël weer vrij
en Jakob blij!


Reageer op deze Psalm

Uw naam (verplicht)

Uw e-mailadres (verplicht)

Onderwerp

Uw bericht

 


Delen: